maandag 17 maart 2014

Een rechthoek met drie hoeken

Zo'n knus boerenschuurtje in expressieve baksteenstijl... staat dat midden in een stad? Of ergens in de provincie Groningen, waar ook veel van dit soort juweeltjes te vinden zijn? Nee, niet in een exotische plaats als Usquert of Stadskanaal: dit pandje staat in Den Haag.

En wel midden in de stad, op de hoek van de Herengracht en de Prinsessegracht. Als je uit het Centraal Station komt, zie je het bouwsel links voor je. We bekijken een ronde hoek deze keer, in de serie hoeken van gebouwen. 

Huisje met een dak. Maar er is meer. Foto RK
Op foto's van Google Streetview is dit optrekje ook te vinden, maar dan geheel dichtgeplakt met posters voor concerten en dergelijke. Toen wij er waren op 7 juli 2013 zag het er gelukkig keurig uit. Gezien het hermetische uiterlijk - geen ramen - is het vrijwel zeker een utiliteitsgebouwtje. De gepantserde deur en het stalen luik ernaast zijn niet erg uitnodigend. Gevaarlijk ogende waarschuwingssymbolen op de deur wijzen op iets elektrisch, een transformatorhuisje bijvoorbeeld.

Het huisnummer is 20, in een fraai jaren-30-lettertype. Maar welke straatnaam daarbij hoort, is een raadsel: Koekamp 20, Herengracht 20, Bezuidenhoutseweg 20, Koningskade 20 - het zou allemaal kunnen, maar voorzover die adressen bestaan, zijn het stuk voor stuk andere panden.


Het dak is bedekt met groen uitgeslagen koperplaten, die gelukkig nog niet de aandacht hebben getrokken van malafide stadsjutters. Zo'n dak is dan ook moeilijker mee te nemen dan een Denker van Rodin, denk ik. Die platen zijn eropgelegd door een dekker van klasse. Kijk maar eens naar de kleine ventilatiekapelletjes, twee op de lange zijde en een op de korte. Geen soldeernaad te zien!

Wel bleek het moeilijk het loodbeslag op de gootrand plat te houden. Zie de schaduwen die de boven ons staande zon werpt op de zijkant van de dakgoot links.

In het oog lopend is het metselwerk rondom de deur: zware, afgeronde zijden in het zelden voorkomende stapelverband of strekkenverband. Meteen na de rondingen gaat het weer over in gangbaarder metselpatronen, zo te zien een kruisverband. De rondingen naast de deuren worden effectief benadrukt door de doorlopende verticale voegen die er ontstaan in het stapelverband.
De ronde linkersponning maakt het gebouwtje ineens bijzonder: de rechthoekige plattegrond krijgt hierdoor drie rechte hoeken en één ronde. Spanning door een sponning.

Ook het dak lijkt niet regelmatig van vorm te zijn: op de foto hierboven lijkt de linkervleugel van het dak steiler en kleiner dan de rechter, die we niet goed kunnen zien. Klopt dat? De luchtfoto uit het Haags Gemeentearchief geeft uitsluitsel. En ja, van de andere kant gezien:


Het gebouwtje houdt zich klein, probeert niet op te vallen, en trekt geen aandacht. Midden in het Manhattan aan de Beek hurkt 't stilletjes aan het water. Draai u om, u bent er zojuist langs gelopen!


Foto: Haags Gemeentearchief, Willem Vermeij
http://www.haagsebeeldbank.nl/afbeelding/c2d5997c-0f




vrijdag 28 februari 2014

Inbreien op z'n Portugees

Stadsplanners gebruiken het afschuwelijke woord 'inbreiding' om nieuwbouw aan te duiden op lege plekjes in de binnenstad. Uitbreiding naar binnen.

Een gevalletje van dat inbreien is dit hoekpand in Lissabon. Wandelend door de Travessa Fiéis de Deus in de Portugese hoofdstad kwamen we deze hoek tegen. Een gele stapel balkonnetjes dus, in deze aflevering van onze serie over hoeken van gebouwen. Het pand staat op de hoek met de Rua da Rosa.

De Travessa Fiéis de Deus is een smal, tot voor kort wat smoezelig, straatje, maar er is een duidelijke gentrificatie aan de gang. Weer zo'n fijn urbanistenwoord. Hier en daar zagen we een woldesignwinkeltje of een kleine fotogalerie, tussen andere pandjes die overduidelijk viswinkel of bakkerij waren geweest.

We keken dus niet vreemd op van dit fris en nieuw ogende appartementengebouw. Scherp gesneden balkonnetjes van een kwartcirkel die leken te zijn aangeplakt tegen de inspringende hoek van het pand, die zelf ook kwartrond is.  Met beton kun je tegenwoordig alles maken. Maarreh... is dit wel zo nieuw?

Met zijn vier verdiepingen heeft het gebouw ongeveer dezelfde hoogte als de belendende percelen. Daar kun je niks uit afleiden: ofwel het nieuwe ontwerp is door de architect respectvol aangepast aan de aangrenzende oudere huizen, ofwel hij moest dat doen van de gemeentelijke schoonheidscommissie, ofwel ten tijde van de bouw was het normaal om de hoogte van de andere gevels als richtlijn te nemen. Is er iets anders dat een clou geeft?


Je blik is meteen gevangen door die strakke balkons op de hoek. Als je afdwaalt naar de ramen in de straatgevels, en eens naar de detaillering kijkt, dan begin je te twijfelen. De afronding van het muurgedeelte naast de sponningen lijkt niet te passen bij de functioneel ogende, onversierde balkons. Ook de sierlijke afschuining aan het houtwerk van het venster suggereert een bouwjaar uit een  eerdere periode.


Dezelfde afronding is, bij nader inzien, ook te onderscheiden aan weerszijden van de balkondeuren. En ook daar is het houtwerk versierd met fijne cannelures.

Kortom: dit hoekpand heeft modern belijnde balkons, en is netjes geel gestuct, maar ik vermoed dat het geen 21ste-eeuwse 'inbreiding' is.  Ik hou het op de jaren 30 of 40 van de 20ste eeuw, goed onderhouden, ruim van opzet en daardoor nog altijd bij de tijd. Hoe het ook zij, het bouwwerk valt wel op, maar valt niet uit de toon.

dinsdag 14 januari 2014

Een streepje Finse zon

Filmproducers kiezen Helsinki vaak als decor voor scènes die zich afspelen in een onbestemd Oostblokland. Vaak zie je dan de witte Kathedraal van Helsinki, classicistisch met een hoog oprijzende koepel in het midden. Of de pittoreske eilandjes ten zuiden van de haven; als je de stad buiten beeld laat, kan het water makkelijk doorgaan voor een gigantisch Russisch meer, waar een enkele eilandbewoner probeert te overleven.

Maar voor onze serie Hoeken van gebouwen hebben we daar weinig aan. Finland is ook het land van strak design, en dat is goed te zien aan de foto van deze keer. Het voormalige hoofdpostkantoor (Postitalo) in de Finse hoofdstad heeft een hoek die ongeremd modernistisch is. Negentig graden, om te beginnen. Maar er valt meer over te vertellen. Bijvoorbeeld: Uit welk jaar dateert dit gebouw?
Postitalo, hoek Mannerheiminaukio/Postikatu, Helsinki. (Foto RK, 8 aug. 2013)
Het Finse hoofdpostkantoor werd (al) in 1938 gebouwd, naar een ontwerp van Jorma Järvi, Erik Lindroos en Kaarlo Borg.

Eigenlijk heeft dit gebouw een niet-hoek... het is een inspringende hoek, gevormd door de smalle zijgevels van de twee blokken die we zien. Het zijn trouwens twee zijden van een carré, maar de andere twee kanten zijn minder krachtig. Aan de voet van de hoek is de entree, nog steeds getooid met het opschrift Posti, hoewel er inmiddels andere gebruikers zijn ingetrokken: oa. de openbare bibliotheek, een eersteklas-fotozaak, en een restaurant. Bij de renovatie (door Vahanen in 2010) is het interieur netjes in stand gehouden.

Spel van licht en donker
De ingang ligt iets boven straatniveau, bereikbaar via een statige trap. De zes vertikale stroken die de gevel decoreren, lopen deels door aan weerszijden van de toegangsdeur. Mooi effect van de architect: naarmate de zon verder schuift, ontstaat er een fraai lijnenspel van licht en schaduw op de zes stroken. Op de meest rechtse strook is al te zien hoe dat lichteffect begint.

De ingang had evengoed aan het rechteruiteinde van het hoge blok kunnen liggen, dichter bij het centrum en het station, maar dan had hij een groot deel van de dag in de schaduw gelegen. En het is toch al niet erg licht op de begane grond in de Finse winter. Afgezien van deze zijgevel toont het oude postkantoor verder weinig decoratie. De natuurstenen plint en de dito sponningen, dan heb je het wel gehad.

Functionalisme
"Posti" wordt wel gerekend tot het Finse Functionalisme. Zie ook bijvoorbeeld het verpleegkunde-gebouw van de Metropolia-universiteit in dezelfde stad. Met een hoek die niet op de hoek ligt... maar dat is een ander verhaal.
Nursing department of the Helsinki Polytechnic represents functionalism
(Foto Pöllö/Wikimedia)

zondag 15 december 2013

A radio man

Ooit... was ik een radioman. Begin 21ste eeuw was er een, let op, "podcast" onder de naam Augias Radio. Iedere week vijf minuutjes nieuwe geluiden, meer niet. Het bereikte de luisteraars via een eenvoudige download, aangereikt via een RSS-feed met ingebakken audiobijlage.

De podcast. Is dat nou ook alweer nostalgie?

Waar zijn zij gebleven, Bernhard Flach, de Sloeries, de Zoldercast, de Theepod? Op podstart.nl is de laatste podcast gedateerd op 5 mei 2008. En daarna?

Maar er is hoop. Roddels zijn de beste publiciteit. Doet er niet toe wat ze zeggen, als ze maar over mij praten, dat idee. Vrij recent is http://podroddels.wordpress.com/, al zwijgt het daar ook alweer sinds 10 maart. Eh... 2012, dus.

Een artikel in VN van 2010 voorspelt de wederopstanding van de Nederlandse podcast. Zullen we dan maar?




maandag 25 maart 2013

Hoe het zit in Haarlem

Een hoek van een heel klein pandje, deze keer. In deze aflevering kijk ik naar een nagenoeg vierkant gebouwtje waarvan één hoek is afgesneden, wat een schuine zijde oplevert die niet eens breed genoeg is voor een deur. Dit bescheiden bouwsel maakt deel uit van een grandioos monument: het station van Haarlem. Ons hoekpandje bevindt zich op het eerste perron, op de hoek waar het brede deel van het perron eindigt. Het markeert zodoende de hoek van het Stationsplein en het viaduct in de Jansstraat. 

(Klik: eerdere afleveringen van deze serie Hoeken van gebouwen.)

Het station, dat uit 1905-08 dateert, is ontworpen door ir. D.A.N. Margadant, de architect van de Hollandsche IJzeren Spoorwegmaatschappij, en zijn assistent ir. H.W.M. Werker. Ons mini-hoekpandje, however, werd pas in 1912 toegevoegd aan het stationscomplex, lees ik op stationsinfo.nl.

Het bezit stijlkenmerken die je ook aantreft in het bakstenen ingangsgebouw van dit Art Nouveau-station. Zoals de consoles onder de dakgoten, de gemetselde siertorentjes op de hoekpunten en de versieringen in het houtwerk. Maar de uitvoering en het materiaalgebruik zijn wel een stuk eenvoudiger dan bij het grote gebouw. Het is opgetrokken uit eenvoudige bakstenen, en niet uit de mooiere verblendstenen van Margadants gebouwen aan het Stationsplein.
Denkend in Haarlem... (Foto RK 2006)
Wat de functie van het gebouwtje was, is aan de buitenkant niet onmiddelijk af te lezen. In vroeger tijden liepen er stationschefs, lampenisten, rangeerders, kruiers, en andere personeelsleden op het perron. Was dit misschien een kantoortje voor deze werkers of hun chefs? Nee, het had een functie voor het publiek. In de natuurstenen speklaag onder de vensters is de inscriptie "Retirade" te lezen. En nu ons dat is opgevallen, kunnen we ook nog teksten onderscheiden boven de deuren: links staat Dames, en rechts Heren.

De naam De Denker waarmee de retirade nu getooid is, komt hiermee in een heel ander daglicht te staan. Je ziet meteen De Denker van Rodin voor je, het beeld van de man die voorover gebogen zit te peinzen, zijn hoofd ondersteunend met zijn rechterhand onder zijn kin. Maar waar zat hij eigenlijk op?

donderdag 21 februari 2013

Duistere taartpunt in Manchester

In de langlopende serie Hoeken van Gebouwen neem ik je deze keer mee naar Manchester. Op de hoek van Fairfield Street en Minshull Street South staat een sober ogend pand.

Foto: SimplySchmoopie
via Compfight cc 
De twee gevels staan onder een hoek van zo'n 60 graden en vormen zo een taartpunt. Als je de gevels tot de hoek zou laten doorlopen, was die onmogelijk scherp geworden. Daarom is die afgeschuind, waardoor een hoge, smalle hoekgevel is ontstaan waar wij nu recht tegenaan kijken. Op de begane grond zit een ornamentele deur, zo ongeveer de enige frivoliteit van het gebouw.

De wijk is neergezet in de late jaren 1800, rondom het Piccadilly Station. Manchester telt vele rijk gedecoreerde gebouwen uit het welvarende industriële verleden, maar ons hoekpand is simpel, streng en functioneel, alsof het voor een Quaker-ondernemer werd gebouwd. Met zijn grote vensters op de verdiepingen was het kennelijk een plek waar goed licht nodig was om inpandig te kunnen werken.  Mogelijk was het een kantoor of een bank.
,
Minshull Street South/Fairfied Street, Man UK. Foto RK
De begane grond, een volwaardige beletage met fraaie boogvensters, ligt boven straatniveau. In Minshull Street, rechts, is te zien dat het pand tegen een lichte helling is gebouwd, waardoor aan de straatzijde links ruimte ontstond voor  een souterrain met een redelijke toetreding van daglicht. In de straat rechts loopt het souterrain wel door, maar de ramen zijn door het hellende straatoppervlak een stuk kleiner. Bovendien verkeert dat stukje Minshull Street South bijna de hele dag in de schaduw, dus prettig zal het niet zijn geweest in dat souterrain.

Juist in dat duistere straatje is te zien dat de onderste drie verdiepingen segmentboogvensters hebben. Zijn die soms origineel, en zijn rechthoekige ramen in de rest van het gebouw moderne toevoegingen?

Het zou kunnen. In onze eeuw is het pand inwendig verbouwd en verdeeld in studenten­appartementen, waaraan in deze stad met twee universiteiten ruim behoefte is. De plaatsing van de ramen op de hoekgevel, precies tussen de verdiepingen in, suggereert dat zich in de hoek een trappenhuis bevindt. Dat zou best eens een recente toevoeging kunnen zijn met het oog op de vele inwendige voordeuren die het appartementengebouw nu heeft; fraai is de raamverdeling op de hoek niet bepaald.

Boven de dakrand bevindt zich nog een penthouse-verdieping. Ik vermoed dat die er in onze tijd bovenop is gezet, waarbij het oorspronkelijke fronton op de hoek een verdiepinkje naar boven verhuisde. Als het al oorspronkelijk is. De manier waarop de topverdieping rechts eindigt, met een stukje schuin dak, doet vermoeden dat de plaatselijke bouwcommissie bang was voor nog meer duisternis in Minshull Street South.
Op een oude luchtfoto is ons pand te herkennen in de blauwe cirkel (de rode pijl wijst naar een ander gebouw). De smalle hoekgevel waar we tegenaan keken, bevindt zich linksboven. En: niks schuin afdak aan de achterzijde! Wel een duidelijke zolder over het hele pand, nog een aanwijzing dat het penthouse er recentelijk is opgezet.
Foto: Manchesterhistory.net
De foto verklaart trouwens ook het "South" in de naam van ons straatje: het is een los stukje van de echte Minshull Street, die je ietsje noordelijker ziet liggen. Een paar hoeken verder, als het ware.-

(Alle afleveringen van deze serie: klik)


woensdag 12 december 2012

Tenenkrommende talen in de Fyra

"Dat doen we zelf wel even,"  moeten ze hebben gedacht bij NS toen ze de omroepberichten opnamen die worden afgespeeld in de Fyra. Met het verdwijnen van de Beneluxtrein via Den Haag werden ook de viertalige berichten afgeschaft die de conducteur 'live' in de trein voorlas. Reizigers in de nieuwe Fyra tussen Brussel en Amsterdam worden nu toegesproken door een vriendelijke, ingeblikte damesstem. Van een Nederlandse dame, en helaas is het resultaat tenenkrommend.

Je wordt welkom aan boord geheten in vier talen, en de stem wenst Duitstalige gasten op gastvrije wijze "eine angenehme Reis". Reis...uh? En van reizigers die de trein verlaten, wordt netjes afscheid genomen. Duitsers die gaan uitstappen, worden aangesproken als reizigers die "hier aus teigen". Maar midden in "aussteigen" hoort toch echt een "sj".

Maar juffrouw Fyra kan het wel, hoor, zo'n "sj" laten klinken. Hoor maar: Franstalige passagiers zijn welkom aan boord van deze trein "avec destinasjon" Amsterdam Centraal. Niet fraai, want in het Frans hoort er een superscherpe S te klinken in "destinassssion".


Antwerpen
Nog bonter maakt NS het met de plaatsnamen. Die worden automatisch ingevoegd in de opgenomen omroepboodschappen. Het volgende station is: puntje puntje. Ronduit rampzalig is, dat in alle vier de talen de Nederlandse versie van de naam wordt afgespeeld. Maar Duitsers en Fransen kunnen "Amsedam Centraal" niet plaatsen, die verstaan het pas als je "Amstèrdam" zegt.

Nog bonter maakt Fyra het bij het benoemen van de Sinjorenstad. "Prochaine arrêt: Antwerpe Centraal. Nächster Halt: Antwerpe Centraal. Next station: Antwerpe Centraal." Weinig kans dat Fransen of Engelsen dat meteen verstaan, want die hebben hun oren gespitst op "Anvèrsontral" of "Aentwurpcentrol".

De Fyra V250.
(Foto: Arnold de Vries)

Beenruimte
Gratis advies aan NS: laat die viertalige boodschappen inspreken door vier mensen die deze talen ook echt beheersen. Zonder Hollands accent, en met de juiste plaatsnamen. De kans dat de 'live'  boodschappen van de conducteur in vier talen terugkeren, lijkt me miniem. 

Kort samengevat: De zetels in de nieuwe Fyra-treinstellen zijn prima: geen rugklachten en genoeg beenruimte. Maar na een reisje Brussel-Amsterdam doen wel mijn oren zeer en zijn mijn tenen totaal krom.